Weer een trenchcoat en Marilyn Manson. Of is er toch iets anders aan de hand?Bowling for Columbine herhaald Op een moment dat het woord ‘school shooting’ in het Amerikaans is ingeburgerd, maar een dergelijk incident de Amerikaanse bevolking niet meer op het netvlies staat, wordt ze weer wakker geschud. Een middelbare scholier richtte gisteren een slachting aan door zijn grootouders en even later zijn docent en 8 schoolgenoten te vermoorden. Daarna maakte hij een einde aan zijn leven. De NPS zendt in het kader van de actualiteit vanavond de documentaire Bowling for Columbine. Filmmaker Michael Moore maakte die film na de moordpartij op een school die in 1999 twaalf mensen het leven kostte in het Amerikaanse provinciestadje Columbine. De slachting van gisteren vond plaats in een Indianenreservaat in het Red Lake district, vlakbij de Canadese grens. De dader was de vijftienjarige – en volgens klasgenoten vreemde vogel - Jeff Weise. Hij zou de moordwapens van zijn grootvader, die politieman was, hebben gestolen. Weise droeg een zwarte regenjas, net als de moordenaars van Columbine, die vermeend lid waren van de schoolgang ‘The Trenchcoat Maffia’. Hij zou net als zij ook naar de muziek van Marilyn Manson luisteren. En hij zou onder de naam ‘Todesengel’ en ‘NativeNazi’ op discussiegroepen berichten posten. De media smullen en zijn in grote getale uitgerukt om de jongste ‘school shooting’ te verslaan. En dat is nou net waar Michael Moore een aanklacht tegen maakte met zijn film. In zijn film interviewt Moore wapenfanaten, ontspoorde jongeren, verdachten van de Oklahoma bomaanslag, ouders van vermoorde slachtoffertjes, klasgenoten van Columbine-daders Harris en Klebold, nabijgelegen wapenproducent Lockheed Martin, acteur Charlton Heston als leider van de National Rifle Association (NRA) en zelfs zanger Marilyn Manson. Moore’s grote vraag is: hoe komt het dat er in de VS zo buitensporig veel moorden kent in vergelijking met de rest van de wereld? Alle factoren die van betekenis zouden kunnen zijn – gewelddadige historie van de VS, de grote hoeveelheid wapens die in omloop zijn, de grote verschillen tussen arm en rijk, racisme – worden van tafel geveegd met spectaculaire, maar weinig wetenschappelijke cijfers. Toch blijft het natuurlijk belachelijk dat de NRA 21.000 dollar zegt te hebben uitgetrokken voor preventie van wapengebruik onder vijf- en zesjarigen. De interviews worden afgewisseld met opeenstapelingen van feiten in hapklare brokken. Op de dag van de Columbine-slachting werden er meer bommen dan ooit op Kosovo gegooid. In de maanden erna werd een zero-tolerance beleid uitgevoerd op Amerikaanse (basis)scholen, waarbij elke kleuter een potentiële moordenaar was. Harris en Klebold waren gaan bowlen voordat ze op hun klasgenoten schoten: zou dat de agressie kunnen hebben aangewakkerd? De burgers van Amerika worden bang gemaakt voor ‘Africanised’ killer bees, het nieuwe millennium, ‘black male suspects’ en zelfs roltrappen. Moore is een voortreffelijk rethoricus, hoewel soms kinderachtig en altijd suggestief. De montage is zelfs misleidend en propagandistisch. Toch was het de best bekeken documentairefilm ooit. Nog nooit was iemand zo dapper om uit te halen naar de machthebbers, hun media en hun verdeel-en-heers politiek. Waar hij vooral de spijker op zijn kop slaat is daar: krampachtig wordt de polarisatie tussen arm en rijk, zwart en wit, platteland en stad in stand gehouden. “Amerikanen lossen alles op met een gevecht”, aldus een blauwharige rokende spijbelende scholier uit Canada. Na de moorden in Columbine verschenen er twee boeken en twee films over. Het boek ‘Vernon God Little’, van DBC Pierre, bekroond met de Bookerprize, het boek ‘Hey Nostradamus’ van Douglas Kopland, de film Bowling for Columbine van Moore, en ‘Elephant’ van regisseur Gus van Sant. Waar Michael Moore continu zoekt naar de oorzaken van de slachting, laat de fictiefilm Elephant, geacteerd door echte scholieren, juist de onwillekeurigheid laat zien van de gebeurtenissen. Niemand in de film is een hoofdrolspeler, iedereen wordt op dezelfde manier geïntroduceerd. Ook hun handelingen zijn volstrekt willekeurig. Als twee tieners naar een programma over Hitler kijken, weet je niet of zij slachtoffer of dader zullen zijn. Dat geeft een onheilspellend gevoel. Michael Moore neemt in Bowling for Columbine alle twijfel weg, en presenteert ons zijn antwoord op de waarom-vraag. Volgens hem worden de Amerikanen door de media en door elkaar een enorme doodsangst aangepraat. Dat zorgt ervoor dat ze tot de tanden toe bewapend zijn. Er lijkt in Amerika iets goed mis te zijn. Maar dat geeft ons nog geen antwoord op de vraag waarom twee tienerjongens in een Amerikaanse suburb een half uur lang iedereen neerknalden in een schoolgebouw. In het rapport van psychologen dat afgelopen april, jaren na het incident, verscheen bleek dat alle mythes die er rondom de daders waren ontstaan, klinkklare onzin waren. De trenchcoats – ze zouden ze alleen dragen om hun wapens te verbergen –, de Marilyn Manson-muziek, de gewelddadige films en alle andere televisiegenieke en angst inboezemende aspecten. De psychologen bestudeerden de twee jongens los van elkaar. Klebold scheen een depressieve, suïcidale jongen te zijn geweest, die de slachting nooit zonder Harris had kunnen volbrengen. Harris was het psychopathische brein achter de plannen. De psychologen concludeerden dat deze jongens echt ziek waren. Doordat de gewetenloze moordenaar Harris omkwam bij de Columbine slachting, is de wereld nu misschien meer moorden bespaard gebleven. Het pamflet van Moore is een krachtige aanklacht tegen de angstcultuur en –politiek van de Verenigde Staten. Maar misschien is de absurditeit en alledaagsheid van twee verwarde tieners meer een individueel geval en moet het ook als zodanig gezien worden. Na de schietpartijen op het Terra College in Den Haag en het bloedbad op een school in het Duitse Erfurt kunnen we niet meer alleen de angstinboezemende praktijken van de Amerikaanse media de schuld geven. Maar zelfreflectie zoals in ‘Bowling for Columbine’ moet altijd toegejuicht worden, in welke vorm dan ook. Of dat nou in de vorm van een Oscar moet, die de film te beurt viel, is de vraag. Nu een jongen in een Indiaans reservaat ingeschoten heeft op zijn klasgenoten is de kans groot dat media en politiek de verdeel-en-heerspolitiek gaan toepassen op Indianen en blanke Amerikanen en dat de attributen zoals de kleding, muziek en politieke sympathieën van de dader een veel te grote rol gaan spelen in het onderzoek naar de toedracht van de moord. Ondertussen is het aantal wapens bij zowel burgers als politie in de VS alleen maar toegenomen.
|