Puberaal polderrationalisme

Column

De laatste dagen heb ik veel kritiek gehoord over de kritiekloosheid van de Nederlandse pers over het leven van de Paus. Er zou volgens journalisten om mij heen niet genoeg stil gestaan worden bij zijn tekortkomingen, lees zijn autoritaire conservatisme, en teveel bejubeld worden in de dagen na zijn dood. Dat miljoenen gelovigen rouwen bij het Vaticaan is niet genoeg. Korte metten met de overledene.

Nu was de kritiekloze nieuwsgaring alleen het geval voor het medium televisie, want de meeste kwaliteitskranten hadden al een necrologie klaarliggen met de hoogte- en dieptepunten van het leven van Johannes Paulus II, inclusief condooms, abortus en euthanasie. Die waren niet onverdeeld positief.

Maar waar bij mij de schoen wringt is die roep om kritiek, de onkunde van de Nederlandse intellectuele elite, waar ik velen van mijn collega’s tot reken, om zich te verplaatsen in een gelovige. Om die miljoenen rouwenden te observeren en zich in hen te verplaatsen. Een gelovige is in dit land per definitie achterlijk. Behalve dan een moslim, maar die hypocrisie laat ik hier even achterwege.

Terug naar het journaille. Michaël Zeeman schrijft in zijn beschouwing in de Volkskrant op maandag zijn onbegrip voor het feit dat duizenden jongeren op zaterdagavond het Sint Pietersplein verkiezen boven de disco. En nog erger, dat ze verdriet hebben om de dood van de kerkelijk leider. Het debat over condooms “heeft die duizenden jongelui kennelijk niet belet sympathie voor hem te voelen,” stelt hij. ”Desgevraagd roemen zij stuk voor stuk zijn pleidooien voor vrede en de hoogstaande morele rol die hij in de wereld heeft gespeeld.”

Hij begrijpt niet, als lomp boegbeeld van het Nederlandse rationalisme, dat er mensen, apart van ideologische onenigheid die ze wellicht hebben met het Vaticaan, in de Paus een vaderfiguur zagen of, jawel, Michaël, een autoriteit. Dat er miljarden katholieken op de wereld zijn die geloven en die in de paus een spirituele inspiratie zagen?

Zijn er dan zoveel miljoenen achterlijken op aarde? Michaël Zeeman gaat voor het gemak totaal voorbij aan de massale menselijke behoefte om te geloven. Dan kun je de bibliotheek van Cartago gelezen hebben. Maar affiniteit met wat er leeft in een maatschappij – waar je al een jaar in vertoeft – lees je niet in boeken.

En dat betekent niet dat ik een tegenstander ben van negatieve of in elk geval objectieve berichtgeving over de Paus. De man was, in de woorden van de Franse historicus Jacques LeGoff "de Middeleeuwen plus televisie." Maar mijn Spaanse nicht stuurde me een ketting-email met de vraag om te bidden voor de Paus. En als er iemand uit een atheïstische familie komt, ben ik het wel. Het illustreert duidelijk hoe hij wordt gezien, en welke plaats hij inneemt in landen die helemaal katholiek zijn. Hij was een conservatieve paus, maar hij was onze paus, lijken de katholieken te zeggen.

We hebben dan wel zo’n afschuw van geloof, maar we moeten niet vergeten dat we hier vijftig jaar geleden net zo zouden hebben gereageerd. Nederland is, zoals Sjoerd de Jong mooi betoogt in NRC Handelsblad, “van een agrarische, verzuilde en nogal onbeweeglijke samenleving veranderd in een moderne natie” met een vrijgevochten, hoogopgeleide en geseculariseerde bevolking.

De Jong: “Van achterlijke boerenprovincie schoot Nederland door naar de liberale voorhoede van Europa”. We zijn zo trots op onze ontzuilde rationaliteit dat we alles uitbannen wat daar niet bij past. Net als iemand die net een assertiviteitscursus heeft gevolgd iedereen te pas en te onpas een uitbrander geeft.

Want als ontzuiling en rationalisering betekent dat we ons niet meer kunnen verplaatsen in een ander, dan zie ik die ontwikkeling niet als verlicht en vrijgevochten, maar als kinderachtige blijk van een nieuw verworven kennis. Als puberaal tegengeluid tegen iets waar we eeuwen zelf hebben een deel van zijn geweest.