Esperanza Spalding blijft zowel technisch als artistiek verbazen

Met haar sensationele jazz op basis van latin, bossa nova en hier en daar zelfs Argentijnse muziek schitterde contrabassist en zangeres Esperanza Spalding woensdag 18 maart in een uitverkocht Bimhuis. Het stralende middelpunt was vanzelfsprekend de 24-jarige Spalding zelf, die technisch en artistiek blijft verbazen.

‘Moet je luisteren, zo klinkt een chacarera-ritme,’ onderwijst Esperanza Spalding het publiek terwijl ze haar contrabas losjes vasthoudt. ‘Leo, kun je dat even laten horen?’ De jonge Argentijnse pianist Leo Genovese speelt een stukje traditionele dansmuziek, enigszins verwant aan de danzón, uit zijn vaderland.
‘En dit is wat er met de chacarera gebeurt,’ vervolgt de bassiste met pretoogjes, ‘als New Yorkers, die te veel rondlopen tussen hoge gebouwen en luchtvervuiling, haar onder handen nemen.’

Acuut verandert het swingende zesachtste ritme in een bezeten mierenhoop van vingervlugge noten waarbij Spalding als een bezetene bast en scat. Het voltallige publiek kijkt met open mond hoe de tengere artieste ondanks de vaart en het grote bereik van haar stem geen noot mist. Ze is onnavolgbaar wanneer ze zowel zingend als plukkend op de bas improviseert, en wel onafhankelijk van elkaar, in twee verschillende tempo’s, en met verschillende klemtonen.

De vierentwintigjarige bassiste, die dankzij deze unieke beheersing als een van de nieuwste jazzrevelaties wordt beschouwd, trad woensdag 18 maart op in een uitverkocht Bimhuis. Voor de band, die naast Spalding en Genovese bestond uit de Braziliaanse gitarist Ricardo Vogt en drummer Otis Brown III, was Amsterdam de eerste halte van een Europese tournee. Het kwartet speelde veel nummers van Spaldings tweede album Esperanza, aangevuld met interessante uitstapjes zoals het chacarera-nummer en een zorgvuldig opgebouwd soort tango, waarbij ze strijkend speelde en in de stormachtige climax een ongelooflijke spanning in haar stem wist te leggen.

Vooral met drummer Brown – met wie ze heerlijk swingend in New Orleans-stijl een toegift improviseerde – had Spalding veel communicatie. De percussionist, een jonge telg uit het New Yorkse circuit, heeft een strakke, afgemeten stijl van spelen die doet denken aan Eric Harland en David King. Hij is merkbaar thuis in een grote waaier aan stijlen zoals latin, funk en jazz. En dat is ook wat Spalding kenmerkt en zowel haar, als haar muziek, als zo bevrijdend doet ervaren: als kind van deze tijd denkt ze niet in afgebakende stijlen maar componeert ze net zo lief een samba voor piano met een tekst in het Spaans.

Het kwartet speelt in juli - voor de tweede keer - op het North Sea Jazz Festival. Dus wie de kans heeft: gaat dat zien!