'De klank en vibraties van polyfonie, da's het mooiste wat er is'Met zijn zanggroep Montezuma’s Revenge behoorde hij jarenlang tot de absolute top van de Nederlandse meerstemmige zang. Hij zong in verschillende grote musicals en geeft sinds drie jaar les aan de muziektheateracademie van het Rotterdams Conservatorium. Een portret van Hans Cassa. Hans Cassa houdt van puzzelen. “Detectives, thrillers, cryptogrammen,” vertelt hij op de zonnige binnenplaats van de afdeling muziektheater aan de Voorschoterlaan. “Maar ook het ontcijferen van een partituur. Met vier man onvoorbereid de studio in, noten voor je neus en zingen maar. En dat het dan in een keer goed is, omdat je precies zingt wat er staat. Prachtig vind ik dat!” Cassa (Lekkerkerk, 1963) had als kind elf jaar pianoles en een duidelijk muzikaal talent. Toch ging hij na de middelbare school economie studeren. “Totdat ik een vriendin op piano begeleidde bij een project van het Rotterdams conservatorium. Toen ging het toch wel kriebelen. Mijn moeder zei: ‘ga in godsnaam auditie doen, dan heb je later in elk geval geen spijt’. Ze dacht waarschijnlijk dat ik het niet zou redden,” lacht Cassa geamuseerd. Achteraf gezien een gouden advies, want hij werd aangenomen aan de afdeling Lichte Muziek en een paar jaar later zat hij al bij Montezuma’s Revenge, Nederlands bekendste en beste a capella popgroep. “Meerstemmigheid heeft me altijd geboeid. De klank die ontstaat en de vibraties die de lucht vullen, dat is het mooiste dat er is in de muziek. Ik hoorde Montezuma een keer optreden en dacht: dat wil ik ook. En zo gebeurde het ook.” Na drie jaar op tournee met Montezuma vonden de oorspronkelijke leden het tijd voor een sabbatical. “Ik dacht: jongens, ik ben net begonnen! Maar gelukkig deden zich kansen voor in de musicalwereld. Ik bezocht de booth singers in de orkestbak tijdens een voorstelling van Cats en hoorde dat de bariton van dat kwartet er die avond niet zou zijn. Ik zei: dat doe ik wel even, pakte de partituur en zong direct alles mee. Toen mocht ik meteen blijven.” Het was het begin van een reeks musicals. Cassa zong in de ensembles van My Fair Lady en Joe en was de understudy van Perón in de musical Evita. Ook vertolkte hij een tijd musicalmedleys in ShowBizCity in Aalsmeer. Tegelijkertijd viel hij ook weer geregeld in bij Montezuma. “Dan zat ik in de kleedkamer bij Joe met een koptelefoon op de nummers voor het nieuwe programma van Montezuma te repeteren.” Na zijn musicalperiode deed Cassa een jaar lang de backing vocals bij het theaterprogramma van Robert Long. “Daarna kreeg ik mijn oude plek weer terug in Montezuma. We genoten vooral veel bekendheid in Duitsland en wonnen daar allerlei grote prijzen. Toen dat wat minder werd hebben we besloten te stoppen. Met een mooi concert namen we afgelopen februari afscheid van Montezuma, na bijna 25 jaar, waarvan ik er tien heb meegedaan.” Toch mist hij het niet om fulltime op de planken te staan. “Er komt altijd zoveel voor terug. In 2005 werd ik gevraagd om les te geven bij Codarts en dat doe ik nu drie en een half jaar met veel plezier. Het geeft me zoveel genoegdoening om studenten te zien groeien en presteren. Om met een groep hard te werken aan een productie waar iedereen ook nog zoveel uithaalt. Het niveau is hoog. Kijk naar de musicalshow die de studenten hebben neergezet in het Luxor theater afgelopen juni. Die was echt heel goed.” Door zijn ervaring in musicals en onderwijs is Cassa zich wel bewust van de toenemende ‘Idols-cultuur’. “Jongeren denken dat iedereen zomaar een ster kan worden. Op audities merk je de invloed van die tv-programma’s: er komt zoveel bagger voorbij. Ook maak ik me zorgen over de kwaliteit van Nederlandse musicals. Waarom moet er bijvoorbeeld altijd een bekende Nederlander bij de solisten zitten, zelfs als die niet kan zingen? In Londen of Berlijn lachen ze daar vast om.” Cassa begeleidt in alle vier jaren van de muziektheateropleiding een ensemble, verder geeft hij solfège aan de eerste twee jaren en een repertoireklas aan de eerstejaars. Bovendien doceert hij de leerlingen van de vooropleiding en geeft hij een dag in de week les aan het conservatorium van Alkmaar. Is lesgeven een fulltime baan geworden? “Nee hoor, ik vertaal ook nog tekenfilms, doe studioklussen, schrijf arrangementen, jureer zangcompetities en festivals en geef ook nog regelmatig workshops aan koren. En,” zegt hij vol trots, “vanavond begint mijn nieuwe baan als muzikaal leider van musicalvereniging Sempre Sereno in Wageningen, waarvan Panda van Proosdij de regie doet.” Dit artikel staat in het herfstnummer van het Codarts Magazine.
|