Krijn Giezen: Droog Design avant la lettre

“Dertig jaar geleden sneed Krijn Giezen al onderwerpen aan die toen nog helemaal niet in de belangstelling stonden, zoals het hergebruiken van materialen, het bedenken van oplossingen voor het stijgende zeeniveau en het maken van conceptuele vormgeving,” vertelt Jan Wijle, hoofd van de afdeling kunst in de openbare ruimte en architectuur van het Haagse kunstcentrum Stroom. “Achteraf gezien kun je zijn werk beschouwen als een soort Droog Design avant la lettre. Hij liep altijd vooruit op de troepen en is in die zin een bron voor de huidige generatie ontwerpers.”

Volgens Wijle, die al meer dan twintig jaar met Giezen (1939) werkt, is diens kunst vaak meer een houding dan een product. “In 1992 bijvoorbeeld werd hij uitgenodigd om een kunstwerk te maken op een stuk grond in Nieuw Sloten. Hij ontdekte dat precies dát stuk grond het enige deel van de polder was dat sinds begin twaalfde eeuw niet aangeroerd was. Hij wilde notarieel laten vastleggen dat daar niet verbouwd mocht worden, en het stukje ‘oerweiland’ omlijsten met een wandelpad.”

Giezen – die zich jaren geleden terugtrok in een Frans chateau – komt steeds weer terug bij de aarde, bij de kringloop van de dingen. “Hij is altijd bezig met de plek, de functie en de materialen. Als hij ergens een hekje moet plaatsen, plant hij er het liefst bramenstruiken, en als er een bankje moet komen keert hij een bootje om dat hij in de buurt heeft gevonden. Die werkwijze zie je nu veel meer, maar hij was er een pionier in.”

De ultieme vorm van hergebruik kenmerkt misschien wel zijn werk uit 1991, een zes meter hoge meanderende geluidswal om het distributiepark Eemhaven in de Rotterdamse haven af te schermen van het nabijgelegen dorp Rhoon. Voor die muur gebruikte hij het puin van de verdwenen bebouwing uit de omgeving: huizen die hadden moeten wijken voor het bedrijventerrein.

“Het zijn van die ideeën die zo simpel en zinnig zijn dat je bij jezelf denkt: waarom heb ik het niet bedacht? Voor de gevangenis van Hoogeveen bouwde hij in 1987 een kas voor exotische groenten en fruit. Omdat veel gedetineerden afkomstig waren uit niet-westerse landen en hij dacht dat ze het eten wel zat zouden zijn, gaf hij ze een plek om hun eigen groenten te kweken. Dat liep zo goed, dat ze de productie uitbreidden en gingen leveren aan macrobiotische winkels in de omgeving.”

Giezen kreeg de afgelopen jaren vooral bekendheid door zijn tachtig meter lange trap in de museumtuin van het Kröller Möller en zijn werk rond de Haagse Beek – de bron die vanuit Kijkduin ondergronds naar de Hofvijver stroomt. Zijn jongste project, onderdeel van de manifestatie Kijken naar Haarlem Oost, gaat uit van de stijging van de zeespiegel waardoor oostelijk Haarlem onder water zou komen te staan. Langs de rand van de stad bedacht Giezen een looppad, bestaand uit een ingenieus systeem van opblaasbare transportrollen, die niet alleen een recreatieve waarde hebben maar ook in het geval van calamiteiten overlevingshulp bieden.

Volgens Wijle is de kunstenaar altijd bezig geweest met de gevolgen van de zeespiegelstijging in de komende honderdvijftig jaar. “Dit jaar kreeg ik zelfs een kerstkaart van hem, met daarop een schets voor een drijvende kustwering, die meegaat met het getij. Zo is de dijk nooit te hoog of te laag. De drijvende dijk zit vast aan een blok beton op de bodem van de zee, waar weer een windmolen op geplaatst zou kunnen worden. Het is waarschijnlijk allemaal doorgerekend door ingenieurs. Wie weet wordt het ooit nog uitgevoerd.”

Dit stuk staat in het huidige nummer van Items.