Zirkus Zeppelin: de verbeelding en de oprukkende verstedelijking“Het is de grootste zeppelin ter wereld, en volgens kenners echt ‘state of the art’: hij is wendbaar, en kan horizontaal opstijgen, in tegenstelling tot zijn simpeler soortgenoten!” Kunstenaar Florentijn Hofman praat enthousiast over zijn nieuwe project Zirkus Zeppelin, dat deel uitmaakt van de kunstmanifestatie Echt Zien, bij de komst van de nieuwe weg N470 tussen Rotterdam, Delft en Zoetermeer. De manifestatie moet de autorit verheffen tot een nieuwe ervaring door middel van de verbeelding. Echt zien bevat verschillende kunstwerken, waaronder ‘Een bekende weg’ van Jeanne van Heeswijk en ‘mijN470’ van Artgineering en een debattenreeks naar aanleiding van een manifest geformuleerd door publicist Bas Heijne. Florentijn Hofman gaat met omwonenden en betrokkenen de lucht in. Hofman: “Het idee is om 470 mensen, gedurende tien vluchten, mee te nemen in die enorme zeppelin. Ik wil een vogelvluchtperspectief laten zien op de nieuwe weg en de Vinex-wijken in de buurt vanuit een stil en sereen voertuig, dat op zijn beurt met koeienletters de N470 onder de aandacht brengt op de grond.” Het proces ernaartoe is minstens even zo belangrijk. “Ik praat met omwonenden van de weg, luister naar de meningen van de bouwploeg en de ambtenaren. Het is een apart wereldje, vandaar de term ‘circus’.” Vooral de bewoners van de nieuwe Vinex-wijken in het gebied moeten geïnformeerd worden. Hofman: ,,Ik begin, heel strategisch, bij de kinderen. Via hen kom ik de huizen binnen, en maak ik de ouders enthousiast. Zo ben ik bezig met het sculptureren van acties.” Na zijn grote inflatables en manshoge sculpturen die gemaakt werden met behulp van buurtbewoners, is Hofman steeds meer projecten gaan doen waar hij zelf de hoofdrolspeler is, zoals het Urban Explorer festival in Dordrecht (2006). “In Zirkus Zeppelin komt alles samen, sculptuur en sociaal contact. Langzaam wurm ik me in een positie waarin mensen iets van me willen. De crux van het werk is juist dat ik als kunstenaar bepaal wie er straks mee de lucht in mag. En er wordt niet gepolderd!” Dit stukje staat in het dubbeldikke jubileumnummer van Items.
|